Deel 2: Experimenteren met tags

Resultaat

De twee vakken boven deze tekst zijn een hulpmiddel om naar wens te experimenteren met tags. Het bovenste vak accepteert HTML en het onderste vak geeft het resultaat weer. Laten we beginnen.

Schrijf in het bovenste vak bijvoorbeeld:

<tafel>Asbak</tafel>

Enkel het woord ‘Asbak’ is zichtbaar, de tag <tafel></tafel> blijft verborgen. En: het doet niets met het woord. De browser herkent de tafel niet.

Tags zijn onzichtbaar voor de bezoeker, zelfs als het een onjuiste tag is.

We breiden de tafel met het glas uit, doen er een asbak bij. en geven het wat inhoud:

<tafel>               
      <glas>Limonade</glas>         
      <asbak>Sigaret</asbak> 
</tafel>
Merk op: HTML geeft geen foutenrapportage maar geeft alles weer zoals het herkent wordt.

 

Attributen.

Voordat we tafels en glazen verlaten en bezig gaan met bestaande tags, maken we kennis met “Attributen”. Hiermee geven we eigenschappen van een tag aan.

Een attribuut heeft een naam en een waarde die is omvat door aanhalingstekens:

kleur = “rood”

Website maken voor beginners

Voorwoord:

Dit is de eerste uit een reeks artikelen die aan ieder kan uitleggen hoe een website werkt. Geschikt voor jong een oud, van lagere school tot afgestudeerd.

We gaan er van uit dat u een windows gebruiker bent, bestanden kunt openen en opslaan, en de verkenner gebruiken. Meer kennis is niet nodig.

Laat u in dit eerste stuk meevoeren, en ervaar dat het eenvoudig is een eerste webpagina te maken.

Deel 1: Mijn eerste webpagina.

In deze alinea maakt u de eerste pagina. Geloof het of niet.

  • Ga naar het zoekveld van het startmenu (windows) en schrijf hier “kladblok”, bij een Engelse windows versie heet het “notepad”.
  • Start deze eenvoudige tekst bewerker, en schrijf iets in het veld, bijvoorbeeld: “Mijn eerste webpagina”
  • Kies bestand -> opslaan als. En de optie “Alle bestanden”.
  • Geef het de naam “website.html”, onthoud waar het is opgeslagen.

Zoek het bestandje op via de verkenner, en open het door erop te klikken.

Gefeliciteerd, dat is een webpagina!

Uitleg: Een webpagina is een tekstbestand. We kunnen dit aan de webbrowser laten weten door de naam te wijzigen. Het gaat hier om het gedeelte achter de punt. Dit heet de “extensie”. Zou dat .txt zijn? dan start het in kladblok. Nu het .html is start het in de webbrowser.

Wat is HTML?

En wat is het niet? HTML is de afkorting van Hyper Text Markup Langauge. Begrijpelijk vertaald staat er: “Een uitgebreide opmaak taal”. Een taal waarmee een webpagina is opgemaakt.

Wie wel eens in de bron van een pagina heeft gekeken, zal denken: “Dat begrijp ik nooit.” De rest van dit artikel zal ik gebruiken om te bewijzen dat u het verkeerd heeft.

HTML is niet:

  • Code
  • Programmeertaal
  • Technisch hoogstaand

HTML bepaald  de opmaak van een webpagina. Het is meer een creatief dan een technisch proces.

Over elementen.

Een onderdeel van een webpagina noemen we een ‘element’. Dat kan werkelijk alles zijn; een afbeelding, een vakje, een stukje tekst, enzovoort.

Over eigenschappen.

Wat voor de hand liggende eigenschappen:

  • Vorm
  • Kleur
  • Plaats

Als we een schilderij maken gebruiken we dezelfde termen. We zouden kunnen zeggen: Ik schilder een rood vierkant aan de onderkant van mijn schilderij. Met wat we geleerd hebben klinkt het zo:

  • We hebben een element (een vorm)
  • De eigenschap is dat het vierkant is.
  • Een andere eigenschap is dat het rood is.
  • En de plaats is aan de onderkant.

Op dit punt krijgt u mogelijk het idee dat ik u voor simpel verklaar. Dat is zeker onwaar. Bovenstaande vinden we vanzelfsprekend. We denken er niet meer over na. En dat is een val waar mensen intrappen als ze HTML leren.

Het blijkt dat we met een kwast en verf goed in staat zijn dit soort benoemingen te doen, maar met een toetsenbord en een tekstverwerker is er de nijging het moeilijker te maken dan het is.

KEEP IT SIMPLE!

De “tag”

Letterlijk “Een markering”. Het betreft een opmaak die door de browser niet getoond word aan de bezoeker. Maar de elementen en hun eigenschappen bepalen. Het gebruik ervan kan in het begin wat onwennig zijn. In het volgende artikel introduceer ik een hulpmiddel waarmee u kunt oefenen en experimenteren met het gebruik van de tag.

Het is niet anders; de namen van tags, de eigenschappen het is allemaal in de Engelse taal. Om de werking en het gebruik ervan te illustreren gebruik ik hier Nederlandse termen uit de echte wereld:

Stel! We hebben een doos en deze is leeg. De tag ziet er dan zo uit.

<doos></doos>

We nemen nu een leeg glas:

<glas></glas>

En plaatsen dat in de doos:

<doos><glas></glas></doos>

Een lege tag mogen we ook zo schrijven

<glas />

Om het nog leesbaarder te maken, gebruiken we inspringingen en plaatsen een nieuwe tag op een nieuwe regel:

<doos>
      <glas /> 
</doos>

Er bevind zich een leeg glas, in een doos. Op deze wijze hebben we de elementen benoemd, en het glas een plaats gegeven.

Ingewikkeld? Nee? U heeft zojuist de basis van HTML volledig begrepen.

Deel 2: Experimenteren met tags.

Termen, eenheden en formules

In de artikelen over elektrotechniek gebruiken we termen voor de eenheden, zoals stroom, spanning en vermogen. Lees hier waarom en de redelijk eenvoudige formules die ze een verband geeft.

Voorwoord.

Stel! U werk bij een garagebedrijf. Er komt een klant die vraagt: “Wat is de snelage van deze auto?” Of iemand komt voor een reparatie en zegt: “Het temperaturage loopt op.”

Dat klinkt vreemd, nietwaar? In mijn oren net ze vreemd als: wattage, voltage en amperage.

Eenheden.

Een eenheid -laten we bij temperatuur blijven-, heeft een naam (temperatuur), de maateenheid zelf (Celsius), een symbool of letter om dat af te korten (C), een waarde (30 graden) en een letter of symbool om het in een formule te gebruien (t)

In de elektrotechniek is dat niet anders. Als we de termen stroom, spanning en vermogen bekijken, dan zijn dat eigenlijk woorden die we goed kennen. Voorbeelden:

  • Er stroomt water uit de kraan.
  • Ik heb het vermogen blogs te schrijven.
  • De bandenspanning is te laag.

Ziet u? Geen ingewikkelde dingen. Laten we deze analogieën verder uitdiepen.

Stroom.

We zeggen: “Er loopt een stroom.” Dat kan water zijn, in de elektrotechniek zijn het elektronen.  De maateenheid is Ampère, genoemd naar de uitvinder.  Dit is af te korten met de hoofdletter “A” en in formules gebruiken we “I”

Er loopt een stroom door deze draad is helemaal juist. Er staat stroom op deze draad -hoe vaak we het ook gebruiken- is onjuist gebruik.

Spanning.

We zeggen: “Er staat spanning op de band”. In dat geval gaat het om luchtdruk. Het is ook de druk die elektronen uitoefenen op een draad. Als deze druk te hoog wordt zal het  ontsnappen. (Een vonk) De maateenheid is Volt, eveneens naar de uitvinder. Het is af te korten met de hoofdletter “V” en in formules gebruiken we “U”.

Er staat een spanning op de draad van 230 Volt.

Vermogen.

Het vermogen om iets te presteren. Hier is het oppassen! Er is een verschil tussen het geleverde vermogen en het opgenomen vermogen. (Of het gevraagde vermogen)

Als ik probeer iets te presteren wat boven mijn vermogen ligt? Dan raak ik overbelast.

De maateenheid voor vermogen is Watt, wordt afgekort met de letter “W”, in formules gebruiken we “P”.

Juist:

  • Een 16 Ampère zekering kan maximaal 3680 Watt vermogen leveren.
  • Deze kachel neemt 1800 Watt vermogen op.

Vermogen is geen maat voor energie, dat wordt het pas als we het meten over een bepaalde tijd. Bijvoorbeeld een uur. Een bekende is het verbruik van 1000 Watt in 1 uur. De Kilowatt/uur (Kw/h)

Eenvoudige formule.

Formule driehoek Stroom, spanning en vermogen.
Formule driehoek

Een formule driehoek. Leg een vinger op de waarde die u wilt berekenen.

Het antwoord blijft zichtbaar.

 

 

Voorbeeld 1: U sluit een kachel aan en meet dat er een stroom loopt van 10 Ampère. Het opgenomen vermogen is dan:

P = U * I

P = 230 Volt * 10 Ampère

P = 2300 Watt

Voorbeeld 2: Op de kachel staat dat het 1500 Watt vraagt. Wat is de lopende stroom?

U = P / I

U = 1500 Watt / 230 Volt

U = 6,52 Ampère

Een 16 Ampère zekering kan maximaal 3680 Watt vermogen leveren.

P = U * I

P = 16 Ampère * 230 Volt

P = 3680 Watt

Gelijkspanning en wisselspanning.

We kennen twee vormen van spanning: wissel en gelijkspanning. De accu in een auto levert gelijkspanning, deze heeft een positieve en een negatieve pool.

Op het wandcontactdoos staat een wisselspanning, deze wisselt 50 keer per seconde de polen om. Het verloop van die wisselingen hebben de vorm van een sinus. In een grafiek ziet dat er zo uit:

Wisselspanning grafiek
Bron: Wikipedia

Merk op dat de toppen en dalen doorlopen tot + en – 325 Volt. We zeggen hier: “De effectieve spanning is 230 Volt” Tenslotte is deze ook vaak nul. Zie het als de gemiddelde spanning.

Er is voor deze vorm van spanning gekozen omdat het veiliger is en omdat het zich omhoog en omlaag laat brengen met een transformator.

 

Meer in de rubriek “Elektrotechniek”:

Badkamer ventilator met timer.

Om na gebruik het vocht of de luchtjes weg te krijgen bestaat er een ventilator met instelbare timer. Als de lamp uitgaat is er geen spanning meer aanwezig. Dat is een probleempje.

Waarschuwing: Handelingen aan een elektrotechnische installatie dienen te worden uitgevoerd door gekwalificeerde personen. Deze pagina is slechts ter informatie en veranderd dit gegeven niet. Gevolgen, waaronder schade en letselschade als gevolg van het handelen van derden, zijn niet de verantwoording van de schrijver van dit artikel. Maar liggen bij de uitvoerende persoon. (personen)

 

Als uw badkamer (of toilet) niet is aangesloten op een centraal afzuigsysteem, dan is het verstandig een ventilator te plaatsen en deze aan te schakelen als de verlichting aan gaat. Om na gebruik het vocht of de luchtjes weg te krijgen bestaan er modellen met een instelbare timer. Maar als de lamp uitgaat is er geen spanning meer aanwezig en kan het niet na draaien. Dat is een probleempje.

Er bestaan ook ventilators met ingebouwde vocht sensor. En dus niet geschikt voor een toilet. Als de bedrading niet is aangepast, dan ontstaat het zelfde probleempje als met de timer.

De huidige situatie.

Illustratie standaard schema
Afbeelding 1

>
Deze tekening (afb. 1) illustreert hoe de meeste installaties zijn aangelegd. Bij u kan het er anders uitzien. Draden lopen dan via een andere weg. Het schema (afb. 2) blijft het zelfde.

Kleuren draad en hun namen:

  • Bruin: Fase draad, de spanning voerende draad uit de meterkast.
  • Zwart: schakeldraad, een spanning voerende draad na een schakelaar.
  • Blauw: Nul draad, loopt vanaf een verbruiker (bv lamp) terug naar de meterkast.

De zwarte draad is dunner getekend dan de blauwe en de bruine. En dat klopt! Zwart is altijd dunner.

Opvallend is dat de bruine draad vanaf beneden en de blauwe van boven wordt getekend. Dit kan in werkelijkheid anders zijn. Dit komt het meest voor.

Stroomkring schema
Afbeelding 2

Hoe de draden ook lopen, het zal altijd overeenkomen met dit “stroomkring” schema.

 

 

De oplossing: een extra draad trekken.

Aansluitschema ventilator
Afbeelding 3

Een willekeurig aansluitschema uit de handleiding van een ventilator. Hier zien we 3 aansluitpunten.

  • De met een “T” (Timer) gemarkeerde aansluiting is bedoeld voor de schakeldraad. De dunnere zwarte draad.
  • De met een “N” gemarkeerde aansluiting is voor de NUL, de blauwe.
  • De met een “L” gemarkeerde draad is de permanente fase, deze ontbreekt nu.

In deze situatie is de kortste weg vanaf de aanvoer naar de schakelaar, door de centraaldoos, naar de ventilator. (Afbeelding 4)

Ventilator met fase en schakeldraad
Afbeelding 4

http://www.plieger.nl/consument/klussen/klussen-elektra/draden-trekken/#

Kookplaat aansluiten

Een elektrische kookplaat aansluiten.

Na het kopen van een elektrische kookplaat, komt vaak de verassing dat er geen aansluitsnoer en stekker meegeleverd wordt. De reden daarvan is dat er verschillende manieren en aansluitmaterialen bestaan.

Waarschuwing: Handelingen aan een elektrotechnische installatie dienen te worden uitgevoerd door gekwalificeerde personen. Deze pagina is slechts ter informatie en veranderd dit gegeven niet. Gevolgen, waaronder schade en letselschade als gevolg van het handelen van derden, zijn niet de verantwoording van de schrijver van dit artikel. Maar liggen bij de uitvoerende persoon. (personen)

 

Het probleempje.

In de groepenkast van een gebruikelijk huishouden vind u zekeringen die een belasting van maximaal 16 Ampère toestaan. Dit komt overeen met ca. 3680 Watt.

Belasting kookplaat
Belasting kookplaat

Achter op het apparaat zit een etiket waar o.a. het opgenomen vermogen te lezen is, in dit voorbeeld staat er 7,4 kW. Dat is 7400 Watt. Daarom is het niet verstandig deze kookplaat op 1 groep aan te sluiten. Hier is dus een probleempje.

De oplossingen.

Het kan zijn dat uw apparaat afwijkt, maar de meeste werken op deze wijze:

De onderdelen zijn verdeelt in 3 groepen die elk een deel van het opgenomen vermogen vertegenwoordigen. Op die wijze kan het op 3 manieren aangesloten worden. Maar; dat leggen we later uit. Nu eerst een belangrijk onderwerp.

Wat kan er verkeert gaan?

Gebruik van een te dunne kabel: Gebruik voor deze toepassing altijd 2,5 mm2 (millimeter / kwadraat) flexibel snoer. Bij voorkeur rubber. Dit snoer kan de volledige belasting aan en is bestendig tegen warmte. Raakt het overbelast dan zal de zekering ervoor zorgen dat er niets gebeurt. Bij een te dunne kabel bestaat het gevaar van brand.

Gebruik van een verkeerde kabel: Gebruik voor het deel tussen de stekker en de kookplaat nooit buitenkabel. Dit heeft een massieve kern, bedoeld voor toepassingen waarbij de kabel niet beweegt. Het zal met de tijd breken.

Niet gebruiken van adereind hulzen: Dit is een metalen hulsje die over het blote uiteinde van het snoer gaat en dan met een speciale tang stevig aan geknepen wordt. Bij het aandraaien van de schroeven kan er anders een verminderd contact oppervlak ontstaan, met een nare kettingreactie als gevolg.(Zie afbeelding . . . )

Verbrande perilex stekker
Verbrande perilex stekker

Indeling van de drie groepen van verbruik.

De drie groepen zijn zo verdeelt dat er twee kunnen worden samengevoegd, waarbij het totale verbruik niet over 16 Ampère komt. De derde groep blijft daar ook onder.

Fornuisgroep
Fornuisgroep

Dit samenvoegen maakt het mogelijk om met twee afzonderlijke zekeringen, (zonder overbelasting) de kookplaat aan te sluiten. Ondanks het feit dat deze zekeringen afzonderlijk werken, moeten ze gezamenlijk afschakelbaar zijn. De “kookgroep” ook wel “fornuisgroep” genoemd . Het kenmerk zich door een hevel over de automaten.

Als 1 van de automaten afschakelt dan blijft de andere omhoog staan.

Wordt de hevel naar beneden geduwd, zal alles afschakelen.

 

 

Aansluitschema 2 X 230 Volt
Aansluitschema 2 X 230 Volt

In de buurt van de aansluitingen van de kookplaat bevinden zich de aansluitschema’s voor de drie mogelijkheden. Om te weten welke kunnen worden samengevoegd moet dit opgezocht worden.

 

Aansluitschema 3 fasen
Aansluitschema 3 fasen

Het kan zijn dat uw groepenkast gevoed wordt met drie fasen. In dat geval ziet de fornuisgroep er anders uit en kan het samenvoegen achterwege gelaten worden.

 

 

Waarschuwing: De derde optie is het samenvoegen van de drie verbruikers tot een enkele. Dat is in Nederland NIET mogelijk. Doe het dan ook niet!

Kleurcodering van de bekabeling.

Dit is een lastige omdat de aders afwijkende kleuren kunnen hebben. Meestal is het snoer buiten blauw, bruin en groen/geel ook voorzien van grijs en zwart. Mijn ezelsbruggetje is dat een lichtere kleur een nul is en de donkere een fase. Anders gezegd: grijs is de 2e nul en zwart is de 2e fase. (Het kan ook dat er twee zwarte over blijven.)

  • Bruin is een ‘Fase’.  (Aangeduid met L)
  • Blauw is altijd een ‘Nul’. (Aangeduid met N)
  • Groen / geel is altijd ‘Aarde’. (Aangeduid met het symbool Symbool voor randaarde)
  • Grijs is de 2e nul.
  • Zwart is de 2e fase.

We gebruiken een perilex stekker met 5 aansluitingen. Deze is feitelijk bedoeld voor een 3 fasen aansluiting. Er bestaat geen norm voor de 2 fasen aansluiting. Zorg er voor dat de fasen en nullen in wandcontactdoos, stekker en kookplaat overeenkomen.

Waarschuwing: Google maar eens, je komt verschillende schema’s tegen. Spreek met jezelf af welke kleurcodering je gaat gebruiken, of gebruik mijn ezelsbruggetje.

Aan de gang, stap voor stap.

  1. Gebruik een spanningzoeker. Stel jezelf op de hoogte van de plaats van nullen en fasen in het perilex wandcontactdoos. Bij de fasen licht het op.
  2. Rubber mantel insnijden en strippen.
    Rubber mantel insnijden en strippen.

    Strip de rubber mantel van het aansluitsnoer ca. 8 cm. voor de stekker. En meet uit hoe lang het moet zijn in de kookplaat. Snijd met een scherp mes een groef in de mantel zonder er helemaal door te snijden. Met wat buigen rondom open breken.

  3. Strip de uiteinde van alle kabeltjes, ca 2 cm.
  4. Adereind hulzen aanbrengen
    Adereind hulzen aanbrengen.

    Monteer de adereind hulzen en knijp het aan met een adereind hulzen tang.

  5. Knip nu het overschot koperdraad af dat uit de huls steekt.
  6. Verwijder de trekontlasting van de perilex stekker, en vergeet de kunststof huls niet over de kabel te schuiven.
  7. Pennen aanbrengen.
    Pennen aanbrengen.

    De 4 pennen van de stekker kunnen eruit, monteer deze hand vast op de aders.

  8. Sluit de aardkabel aan op de middeltje pen.
  9. Knip het stukje huls af dat uit de pen steekt. (Gaat in de weg zitten.)
  10. Pennen terug plaatsen en aandraaien.
    Pennen terug plaatsen en aandraaien.

    Gebruik een passende kruis schroevendraaier om de pennen terug te drukken, zodra het op de plek zit, stevig aandraaien.

  11. Trekontlasting monteren.
    Trekontlasting monteren.

    Plaats de trekontlasting op de rubber mantel.

  12. Stevig aandraaien!

 

 

 

 

 

13. Plaats vervolgens de kap, deze moet goed sluiten.

In de kookplaat.

  1. Volg 1 t/m 4 om de hulzen te monteren.
  2. Zoek het aansluitschema op en verzeker jezelf ervan dat de overbrugging op de juiste plaats zit.
  3. Monteer Bruin bij de overbrugging. (L1 en L2 in ons voorbeeld)
  4. Monteer Blauw en grijs op de nul aansluitingen. (N1 en N2)
  5. Monteer Groen / geel altijd bij het randaarde symbool. (Symbool voor randaarde)
  6. Monteer zwart op de overgebleven fase. (L3)
  7. Trekontlasting monteren en kapje sluiten.

3 fasen, de stekker.

Is uw huishouden voorzien van een 3 fasen groepenkast? Dan is het aansluiten eenvoudiger. Volg de bovenstaande instructies voor het plaatsen van adereind hulzen.

Zowel de stekker als het wandcontactdoos is voorzien van de aanduidingen N, F1, F2 en F3. (uiteraard ook randaarde)

  • Blauw komt altijd op de N.
  • Groen / geel komt altijd op het randaarde symbool.
  • Bruin komt altijd op L1
  • De overgebleven aders op L2 en L3

3 fasen, de kookplaat.

Verwijder alle overbruggingen, en volg hetzelfde schema als voor de stekker.

Meer binnen deze categorie:

Termen, eenheden en formules.

Aansluiten van een badkamer ventilator met timer.